Nog ongeveer een week wachten en dan is het weer zo ver: Prinsjesdag! Op de derde dinsdag van september worden de gouden koets en koffer weer tevoorschijn gehaald, de troonrede wordt voorgedragen en de fiscale plannen voor 2020 worden bekend gemaakt.

De grote vraag is natuurlijk wat de plannen op subsidievlak zullen behelzen. Er zijn op dit moment nog geen concrete zaken bekend. Dat gaat immers officieel pas op 17 september 2019 bekend gemaakt worden. Wel zijn er evaluaties van regelingen geweest en kamerstukken omtrent beleid, die inzicht geven in vlakken waarop regelingen wellicht aangepast gaan worden. Op basis van deze documenten, hebben wij onderstaand overzicht van onze (voorzichtige) verwachtingen voor 2020 wat betreft de belangrijkste innovatie instrumenten in Nederland opgesteld: de WBSO en MIT.

WBSO

In een eerder blog hebben we al de belangrijkste conclusies en aanbevelingen van de evaluatie van de WBSO-regeling over de periode 2011-2017 omschreven. Belangrijke aanbevelingen hierbij zien toe op ICT en softwareontwikkeling binnen WBSO en het terugdringen van de administratieve lasten voor bedrijven.

Dit laatste punt zien we ook terug in de Kamerbrief over heroverweging van het pakket aan maatregelen t.b.v. een aantrekkelijk vestigingsklimaat. In deze kamerbrief wordt expliciet benoemd dat ondersteuning van het vestigingsklimaat een impuls gegeven zou kunnen worden door de innovatiekracht te stimuleren middels het verhogen van het percentage van de tweede schijf van

de S&O-afdrachtvermindering in 2020 met 2%-punt van 14% naar 16%. In 2019 heeft de tweede schijf echter al een percentage van 16%. Het is derhalve onduidelijk of dit een handhaving van dit percentage zou betreffen, of wellicht een verdere verhoging naar 18%.

De WBSO-evaluatie geeft ook aanwijzingen dat de WBSO minder effectief is bij bedrijven onder de 10 personen die geen starter zijn. De overheid ziet op dit moment daarin echter geen aanleiding om de mogelijkheden voor de kleinste innovatieve bedrijven in de WBSO verder uit te breiden.

Ook is onlangs het jaaroverzicht van WBSO 2018 gepubliceerd. Uit dit overzicht blijkt, dat in 2018 helaas toch weer 5% minder WBSO-aanvragers zijn t.o.v. het jaar ervoor. De RVO stelt een onderzoek in naar deze daling. Sinds 2015 lijken er ieder jaar bijna 1000 aanvragers af te vallen, oftewel 5% jaar op jaar. Het is nog even de vraag of de WBSO-regeling in 2020 al hiervoor wordt aangepast, en welke vorm deze eventuele aanpassing zou hebben. Afwachten dus!

MIT

Uit de evaluatie van de MIT in 2017 bleek dat het mkb over het algemeen tevreden is over de opzet van de regeling en dat deze positief beoordeeld wordt. De regeling is toegankelijk, voorziet in een duidelijke behoefte en ondersteunt het mkb in de eerste fase van innovatietrajecten. Uit de evaluatie bleek ook dat de doelgroep van de MIT voornamelijk bestaat uit kleine bedrijven uit alle verschillende Topsectoren.

Wat opvalt, is dat in de loop der jaren een steeds groter beroep wordt gedaan op de MIT. Dit geldt voor zowel haalbaarheidsprojecten (inzetbaar voor proof of concept) als voor R&D-samenwerkingsprojecten. Dit brengt met zich mee, dat aanvragen die op basis van het First Come, First Served (FCFS) principe worden behandeld, met name haalbaarheidsprojecten, snel worden overtekend. Het budget is vaak al binnen enkele dagen uitgeput.

Mogelijk dat dit aandachtspunt in de uitwerking van de MIT 2020 een rol gaat spelen. In de aanbevelingen van de MIT-evaluatie wordt hiervoor de suggestie gedaan om het MIT-budget te verhogen, in combinatie met het invoeren van een halfjaarlijkse in plaats van een jaarlijkse call. Een dergelijke cyclus zou beter aansluiten bij de korte tijdshorizon voor innovatie van het mkb.

Ook hiervoor geldt dat we het gaan zien zodra de plannen voor het nieuwe jaar gepresenteerd zijn.

Innovatieplannen? Aarzel niet om contact met ons op te nemen via info@subtracers.com of 088 – 900 1100. Wij helpen je graag verder!

Auteur: Susanne Visch