Miljoenennota

Met de publicatie van de Miljoenennota en het Belastingplan kunnen we nu eindelijk meer zeggen over waar we volgend jaar aan toe zijn m.b.t. innovatie, energie & milieu en opleiding & personeel. Ook niet onbelangrijk: heeft de overheid in haar plannen voor 2021 ook aandacht voor de voortdurende impact van Covid-19 op ondernemend Nederland?

In de troonrede heeft Koning Willem-Alexander aangegeven, dat de regering de keuze maakt om niet te bezuinigen, maar juist te investeren in baanbehoud, goede publieke voorzieningen, en een sterkere economische structuur en een schoner land nu en straks. Dat dit de pijlers zijn waarop de regeringsplannen voor het komende jaar rusten.

Volgens de informatie in de Miljoenennota en het Belastingplan zal dit o.a. op de volgende manieren ingevuld gaan worden.

Innovatie

Eerder hebben wij al een blik geworpen in onze glazen bol om een voorspelling te delen m.b.t. de verwachte veranderingen voor ondernemend en innoverend Nederland.

In de Miljoenennota wordt inderdaad ingegaan op het feit dat een krachtige heroriëntatie o.a. op het gebied van innovatie noodzakelijk is om naar de Nederlandse welvaart naar de toekomst te kunnen bestendigen. Onderstaand een overzicht van de belangrijkste wijzigingen zoals opgenomen in het Belastingplan en de Miljoenennota voor 2021.

WBSO

Om ervoor te zorgen dat de private investeringen in R&D tijdens de coronacrisis zoveel mogelijk op peil blijven, heeft het kabinet inderdaad besloten om extra budget beschikbaar te stellen voor de WBSO in 2021. Dit wordt gefinancierd uit de onderuitputting uit 2019 als ook door gebruik te maken van envelop met onderuitputting uit eerdere jaren. Er is hiervoor €157 miljoen vrijgemaakt.

In 2021 zullen daarmee de volgende tarieven van toepassing zijn op de WBSO:

  • Tarief eerste schijf 40% (was 32%);
  • Tarief eerste schijf starters 50% (was 40%);
  • Grens eerste schijf € 350.000 S&O-(loon)kosten;
  • Tarief tweede schijf 16%.

Ook gaat innovatief toegepaste Artificial Intelligence en Machine Learning mogelijk in de toekomst onder de WBSO vallen.

Vennootschapsbelasting en innovatiebox

De fiscale coronareserve zorgt dat vpb plichtige ondernemingen in 2021 minder verlies kunnen verrekenen. In 2021 wordt het lage vpb-tarief verlaagd en worden grondslagen verbreed. Het lage vpb-tarief daalt van 16,5 % naar 15 %, het hoge vpb tarief blijft 25 %. Vanaf 2021 geldt het lage tarief voor winsten tot € 245.000 in plaats van € 200.000. In 2022 zal deze grens verder verhoogd worden naar € 395.000. Dit zal als gevolg hebben, dat meer MKB-bedrijven in de komende jaren tegen het lagere tarief belast worden.

Voorbeelden van grondslagverbredingen in 2021 zijn de verhoging van het effectieve tarief van de innovatiebox van 7% naar 9 % en de beperking van de liquidatie- en stakingsverliesregeling in de vennootschapsbelasting.

Nationaal Groeifonds

Met betrekking tot innovatie gaat de troonrede in op de creatie van het Nationaal Groeifonds. Doelstelling van dit fonds is het verzekeren van het toekomstig verdienvermogen van ons land en daarmee de welvaart van morgen. Met het fonds wil de regering investeren in kennisontwikkeling, innovatie en infrastructuur. Dat laatste omvat naast wegen en spoor ook de digitale snelweg en de infrastructuur voor energie. Een onafhankelijke commissie zal de investeringsvoorstellen beoordelen op de toegevoegde waarde voor het verdienvermogen en brengt een zwaarwegend en leidend advies uit.

Op korte termijn liggen er al kansen voor investeringen in het verdienvermogen van Nederland. Om deze te verzilveren streeft het kabinet ernaar om begin volgend jaar voorstellen te doen voor enkele goede projecten die bijdragen aan het verdienvermogen. Voorwaarde hiervoor is dat deze voorstellen voldoen aan de eisen van het toetsingskader voor het fonds en dat de commissie hier een positief oordeel over geeft. Om goede investeringsvoorstellen te bekostigen maakt het kabinet voor de komende vijf jaar een bedrag van €20 miljard vrij, oftewel een verplichtingenruimte van €4 miljard per jaar. Voor de daadwerkelijke kasuitgaven is een oplopende reeks in de begroting opgenomen die over een langere periode doorloopt. Omdat de toegevoegde waarde van projecten voor het verdienvermogen leidend is, kan er tussen jaren worden geschoven met middelen.

Energie & milieu

In de troonrede is aangegeven, dat het kabinet de komende jaren €5 miljard wil uittrekken, om de problemen rond stikstof aan te pakken. Het geld dat hiervoor beschikbaar komt, kan o.a. worden ingezet voor natuurherstel, aanpassing van stallen en voor een gezonde en innovatieve toekomst van de Nederlandse landbouwsector.

Ook wordt aandacht besteed aan de vermindering van de CO2 -uitstoot in het kader van de doelstelling van een klimaatneutraal Nederland in 2050. Zo zullen met de eerste verbrede openstelling van de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE++) die eind dit jaar opengaat, meer CO2-reducerende technieken in aanmerking komen voor subsidie. Daarnaast zal ook de ISDE-regeling worden verlengd tot 2030. Vanaf 2021 zal de regeling zich naast investeringen in warmtepompen en zonneboilers ook richten op investeringen in de isolatie van woningen

Later dit najaar verschijnt de eerste Klimaatnota. Voor komend jaar zijn daarvoor verschillende maatregelen aangekondigd, zoals een CO2-heffing voor de industrie, een kleiner aandeel van kolencentrales in de elektriciteitsproductie in het kader van de energietransitie, en maatregelen om de circulaire economie, waarin afval weer grondstof wordt, te stimuleren.

Voor duurzame innovaties in de industrie stelt het kabinet komend jaar bovendien €60 miljoen beschikbaar, naar verwachting binnen de DEI+ regeling. Dit wordt onder andere geïnvesteerd in pilotprojecten om nieuwe CO2-reducerende technologieën te testen of versneld in te zetten, de opschaling van duurzame waterstof te stimuleren en het testen van methodes voor het opslaan, hergebruiken of transporteren van CO2 (CCUS).

Ook interessant zijn de plannen voor een lagere bijtelling voor elektrische auto’s met zonnepanelen. Hiervoor komt het kabinet nog met een voorstel.

Verder zijn er weinig veranderingen aangekondigd voor fiscale faciliteiten ter bevordering van investeringen zoals de EIA en MIA/VAMIL:

  • Energie-investeringsaftrek (EIA): In 2020 was het budget €147 miljoen aan fiscaal voordeel, in 2021 zal dit worden verhoogt naar €149 miljoen. Er is verder geen aanpassingen van het aftrekpercentage van 45% aangekondigd.
  • Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige Afschrijving milieu-investeringen (VAMIL): Het budget van de MIA was in 2020 €124 miljoen aan fiscaal voordeel, in 2021 zal dit echter weer worden verlaagd naar het niveau van 2019 met een budget van €114 miljoen. Het budget voor de VAMIL blijft met €25 miljoen hetzelfde. Ook hier zijn geen aanpassingen van de aftrekpercentages (á 36%, 27% en 13,5% ) aangekondigd.

Opleiding & personeel

De overheid wil extra geld uittrekken voor het onderwijs. Enerzijds om in de grote steden volgende stappen te kunnen zetten in de aanpak van het lerarentekort. Anderzijds om onderwijsachterstanden weg te werken. Daarnaast is de Miljoenennota is helder: Het kabinet blijft inzetten in op Leven Lang Ontwikkelen. In dat kader wil de regering stimuleren dat mensen inzetbaar blijven op een veranderende arbeidsmarkt. De coronacrisis onderstreept dat belang.

De volgende onderdelen worden genoemd in de Miljoenennota en de Rijksbegroting:

  • EZK: EMU-saldo: omscholing naar tekortsectoren: budget van €38 miljoen.
  • SZW: Scholing en levenslang ontwikkelen (LLO): budget van €170 miljoen.
  • De Subsidieregeling Tel mee met Taal wordt in 2021 met €6 miljoen verhoogd. Het doel is werknemers weerbaarder te maken voor veranderingen in hun werk (zoals digitalisering) en voor te bereiden op eventueel toekomstige beroepsgerichte scholing waarvoor voldoende basisvaardigheden een randvoorwaarde zijn.
  • Omscholing naar tekortsectoren. In 2021 wordt €37,5 miljoen beschikbaar gesteld voor intersectorale scholing naar tekortberoepen in het mkb. Hiermee kunnen 10.000 trajecten met een gemiddeld subsidiebedrag van €3.750 per stuk worden gesubsidieerd.
  • Scholing en leven lang ontwikkelen (LLO). Er worden middelen vrijgemaakt voor extra inzet op verschillende vormen van scholing. Naast een tijdelijke werkgeverssubsidie ter bevordering van de leercultuur op de werkvloer wordt de subsidie voor online scholing uit het crisispakket ‘NL leert door’ verlengd, wordt het scholingsbudget WW bij het UWV verhoogd en worden middelen gereserveerd voor praktijkleren in het MBO.
  • Invoering Stimulans ArbeidsmarktPositie (STAP). Het budget voor levenlangontwikkelen wordt overgeboekt van OCW naar SZW. Dit is voor het STAP-budget ter vervanging van de fiscale scholingsaftrek.
  • Ook is er in 2021 weer circa €50 miljoen beschikbaar vanuit de SLIM-regeling, waarmee werkgevers in het mkb worden gestimuleerd om te investeren in de ontwikkeling van werkenden. Het meerjarig programma voor LLO loopt ook in 2021 door.

Voor 2021 is er in verband met de door de coronacrisis ontstane extra behoefte aan scholing en begeleiding een extra compartiment toegevoegd aan de SLIM-regeling. Hierdoor kunnen mkb-bedrijven meer subsidie krijgen voor het versterken van de leercultuur op de werkvloer via bedrijfsscholen en leerambassadeurs. Voor deze activiteiten is een extra bedrag van €41,5 miljoen opgenomen.

  • NL leert door. In 2021 is er ruim €95 miljoen beschikbaar voor de subsidieregeling NL leert door. Dit betreffen middelen ten behoeve van online scholing (€42 miljoen) en ontwikkeladviezen (€30 miljoen). Een gedeelte van de middelen is bestemd voor het afrekenen van in 2020 gestarte activiteiten. In 2022 is €18 miljoen gereserveerd voor online scholing.

Covid-19 crisis maatregelen

De coronacrisis heeft grote gevolgen voor de Nederlandse samenleving. Zo is het de verwachting dat we komend jaar te maken zullen hebben met een veranderende economie: gedeeltelijk herstel en een oplopende werkloosheid.

Voor het kabinet betekent dit dat het komend jaar de economische steun blijft doorgaan en mensen geholpen zullen worden om zich aan te passen aan de economische gevolgen van het coronavirus. De volgende maatregelen zijn aangekondigd:

  • Verlenging van de steunmaatregelen zoals de NOW en de Tozo, zodat werkgelegenheid zoveel mogelijk behouden blijft en bedrijven verder kunnen.
  • Een aanvullend sociaal pakket van circa €1,4 miljard voor overbrugging na verlies van baan of bij bedrijfsfaillissement. Onderdelen van dit pakket zijn een goede begeleiding van werk(loosheid) naar werk, bij- en omscholing, de aanpak van jeugdwerkloosheid en de bestrijding van armoede en schulden.

BIK-aftrek

Ook heeft het kabinet besloten tot invoer van een Bijzondere Investeringskorting (ook wel Baangerelateerde Investerignskorting of BIK genaamd) om investeringen te stimuleren in de huidige crisissituatie. Het is de bedoeling dat met de BIK ondernemers een percentage van de gedane investeringen in mindering kunnen brengen op de loonheffing. Het kabinet wil deze korting tijdelijk invoeren per 1 januari 2021, voor investeringen waarvoor de beslissing is genomen na 1 oktober 2020 en die plaatsvinden vanaf 1 januari 2021. De in 2021 gedane investeringen kunnen dan worden verzilverd in 2022 op basis van een goedkeurende beschikking van RVO.nl.

Voorgesteld budget is €2 miljard per jaar. Van de regeling zullen investeringen uitgesloten zijn, die onder de EIA, MIA of VAMIL opgevoerd kunnen worden. De precieze afbakening en het daarbij passende percentage wordt nog uitgezocht. Als de economische crisis voorbij is, is de maatregel in deze vorm niet langer nodig. Op basis van een evaluatie zal het budget mogelijk gebruikt worden voor een regeling die ook het verlagen van werkgeverskosten tot doel zal hebben.

Ondersteuning nodig?

Heb jij als onderneming mooie projecten in de planning? Zie je belemmeringen of kansen tot verbetering binnen je bedrijf, producten of processen? Bel nu 088 900 1100 of e-mail naar info@subtracers.com voor een afspraak. Wij denken graag met je mee over de mogelijkheden voor funding.

Auteur: Susanne Visch